Gouwe Knoop heeft potentie van subcentrum

nieuws

Bij de inrichting van de Zuidplaspolder en Westergouwe moeten planmakers meer rekening houden met stedelijke accenten. Door allerlei multifunctionele woon-, werk-, welzijns-, onderwijs- en ontspanningsvoorzieningen en winkels te concentreren in een hoogbouwgebied, bij het liefste een vervoersknooppunt, wordt voorkomen dat het zoveelste monotone uitbreidingsplan in Nederland ontstaat.

Daarvoor pleit het in Gouda gevestigde Bureau Stedelijke Planning (BSP), een instantie die de afgelopen jaren uitgebreid onderzoek deed naar de voordelen van zogenoemde subcentra. Volgens directeur P. van der Heijde biedt een concentratie van stedelijke functies aanzienlijke voordelen. Omdat in subcentra sprake is van (deels) hoogbouw, kan de resterende ruimte rondom efficiënter worden ingevuld. Daarnaast remmen ze de mobiliteit, omdat alle voorzieningen op een punt zijn te vinden in plaats van verspreid gelegen zoals vaak bij nieuwe verstedelijkte gebieden het geval is. “Verder hebben subcentra met hun eigen identiteit als voordeel dat ze een duidelijke, grootstedelijke uitstraling hebben”, aldus Van der Heijde, die de komst van nieuwe, centrumstedelijke woon- en werkmilieus naar deze regio van groot belang vindt. Zijn bureau praat dan ook sinds enige tijd met gemeenten in dit deel van de Randstad over deze noviteit. “Het gaat hier inderdaad om iets nieuws. Toen we ons onderzoek startten, ontdekten we tot onze stomme verbazing dat over subcentra nog nooit iets was gepubliceerd.”

In de komende jaren zal volgens BSP de vraag naar ruimte in Nederland flink groeien. Naast woningen en bedrijventerreinen is er behoefte aan nieuwe locaties voor winkels, voorzieningen en kantoren.
“Het risico ontstaat dat wederom aaneengesloten laagbouwgebieden ontstaan van woonwijken en bedrijventerreinen. Subcentra kunnen voorkomen dat de Randstad zich zal ontwikkelen tot het grootste dorp van Europa.”
Door de versnippering van allerlei economische functies door de stad missen veel Nederlandse steden volgens BSP concurrentiekracht. “Met de ontwikkeling van subcentra ontstaat de mogelijkheid om economische functies te concentreren en zelfs internationaal interessante vestigingsmilieus te maken, die concurrerend zijn met andere plekken in Europa.”
Een prima locatie voor een dergelijk subcentrum lijkt Van der Heijde de plek Gouwe Knoop bij Westergouwe, waar diverse spoorlijnen en autowegen elkaar kruisen. De gemeente Gouda denkt er aan om daar een concentratie van bebouwing te realiseren.
“Daar moeten echter niet alleen kantoren, woningen en een station komen, maar veel meer, opdat de locatie een voor iedereen herkenbare en goed bereikbare verstedelijkte plek wordt.” Hij heeft goede hoop dat Gouwe Knoop zich zal ontwikkelen tot een voorbeeld van een goed subcentrum: een publiekstrekker van de eerste orde. “Ik heb van de gemeente begrepen dat de plannen daarvoor nog niet zijn uitgekristalliseerd. Het is te hopen dat men wat met onze inbreng doet.”

Volgens Van der Heijde hebben subcentra niet alleen een positief effect op nieuwe woon- en werkomgevingen, ze bieden ook voordelen voor de bestaande binnensteden. “Als voorzieningen uit de binnenstad naar subcentra worden verplaatst, kan de daar vrijgekomen ruimte een nieuwe invulling krijgen.”
Bovendien vergroten subcentra, zo blijkt uit het BSP-onderzoek, de leefbaarheid van steden en die van de huidige stadsdeelcentra in het bijzonder. Op dit moment hebben meestal alleen binnensteden een dynamisch verblijfsklimaat, terwijl de omliggende woonwijken en kantoorgebieden vaak monotoon en uitgestorven zijn. Zelfs stadsdeelcentra kenmerken zich in veel gevallen door een gebrek aan vitaliteit en vertier. Door ook daar centrumstedelijke functies aan toe te voegen neemt de aantrekkingskracht toe. Het multifunctionele karakter leidt verder tot een toename van de sociale controle en de veiligheid.

Goede voorbeelden van potentiële subcentra in Nederland zijn wat Van der Heijde betreft het gebied rond de Arena in Amsterdam, In de Bogaard in Rijswijk, Scheveningen Bad maar ook Rotterdam Alexander (het Alexandrium). Deze locaties vormen na het stadscentrum de grootste concentraties van winkelvoorzieningen in de stad. “De ideaalste plaats is natuurlijk het natuurlijk gegroeide centrum van een stad zelf. Maar de uitstraling en functionaliteit daarvan moet ook elders realiseerbaar zijn. Zeker in een tijd dat verstedelijking aan de orde van de dag is, moeten er nieuwe centra kunnen ontstaan met allure, aantrekkingskracht en mogelijkheden van de echte stadsharten.”

PUBLICATIE GEPUBLICEERD IN Goudsche Courant Deel deze pagina

gerelateerde informatie

Verstedelijking op de tast

De Nederlandse ruimtelijke ordening loopt zich warm voor de volgende verstedelijkingsronde. Het Ministerie van VROM is in gesprek met gemeenten en regio’s over de nieuwe meer

Nieuwe centra in uitbreidingsgebieden

Door de voortdurende bouw van buitenwijken dreigt in Nederland een aaneengesloten stedelijk landschap te ontstaan. Niet alleen gaan zo waardevolle groengebieden verloren, ook de internationale meer

Nieuwe centra in Nederland

In juni 2012 verscheen een publicatie van Pieter van der Heijde, algemeen directeur van Bureau Stedelijke Planning, in het toonaangevende internationale wetenschappelijke ‘Tijdschrift voor Economische meer

Subcentra in buitenlandse steden

In Nederland bestaan nog weinig echte subcentra. Toch bieden deze centrumstedelijke woon- en werkmilieus grote voordelen. Een analyse van subcentra in België, Duitsland, Frankrijk, Engeland meer