Nieuwe centra in Nederland

nieuws

In juni 2012 verscheen een publicatie van Pieter van der Heijde, algemeen directeur van Bureau Stedelijke Planning, in het toonaangevende internationale wetenschappelijke ‘Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie’. Hierin brengt hij de nieuwe centra in Nederland in kaart en beschrijft hij de ruimtelijke en functionele structuur. Het versterken van nieuwe stedelijke centra met meer stedelijke voorzieningen kan een belangrijke bijdrage leveren aan het bouwen van duurzame, compacte stedelijke gebieden.

Vanaf 1950 heeft zich in veel Nederlandse stedelijke regio’s een polycentrisch systeem ontwikkeld van stadscentra, andere historische centra en nieuwe centra. Dit patroon is met name zichtbaar in de sterk verstedelijkte Randstad. Nieuwe stedelijke centra zijn in het onderzoek, dat ten grondslag ligt aan de publicatie, gedefinieerd als de grootste concentraties aan centrumstedelijke functies in een stadsgewest met een multifunctionele invulling alsmede bovenwijkse voorzieningen op locaties waar voorheen geen sprake was van een stedelijk centrum. Het onderzoek toont een sterk verband aan tussen het aantal inwoners van een stad en het aantal nieuwe centra. Evident is dat grotere steden meer centra hebben.

Veel Nederlandse nieuwe centra bevinden zich in woongebieden. Dit is het gevolg van de oorspronkelijke functie van deze centra als voorziening voor nieuw ontwikkelde woongebieden. In lijn daarmee voorziet een aanzienlijk aantal van deze nieuwe centra in faciliteiten, met name winkelen en ontspanning voor de omliggende wijken. Ook zijn vele nieuwe centra de locatie voor overheidsfuncties, zorgvoorzieningen en onderwijsfaciliteiten. Kantoren zijn er ook te vinden, maar in veel beperktere mate.

Nieuwe centra hebben andere functionele kenmerken dan binnensteden. Dit is het resultaat van een beperkter aantal functies en minder voorzieningen met een (boven)stedelijk verzorgingsgebied. Dit betekent dat de mate van centraliteit in nieuwe centra minder is dan in binnensteden. Ook de bereikbaarheid per openbaar vervoer is beperkter. Deze functionele verschillen betekenen dat er nog altijd een aanzienlijke functionele hiërarchie bestaat in de polycentrische stedelijke systemen in Nederland. Desondanks lijken stedelijke gebieden zich te ontwikkelen van monocentrische tot polycentrische systemen.

Dit strookt met de uitkomsten van het INTERREG IIIB Polynet onderzoeksproject, dat de ontwikkeling van polycentrische regio’s in Noordwest-Europa onderzoekt, en concludeert dat gebieden in de Randstad beperkt, maar in toenemende mate, polycentrisch zijn. Het mag geen verrassing zijn dat de functionele samenstelling van nieuwe centra afwijkt van binnensteden. De meeste nieuwe centra zijn immers minder dan 60 jaar oud. Opvallend is wel dat op dit moment het aantal functies in de eerste generatie nieuwe centra niet groter is dan in de nieuwe centra die in latere jaren zijn ontwikkeld. Dit suggereert dat recent overheidsbeleid om centrumgebieden te revitaliseren de functionele diversiteit in oudere nieuwe centra heeft beperkt. Een andere verklaring is dat het aantal functies gerelateerd is aan het type nieuwe centra (stadsdeelcentrum, dorp, groeikern, transformatiegebied en universiteitsgebied), die ieder werden ontwikkeld in een andere periode met verschillende karakteristieken. Bijvoorbeeld, de oudste generatie nieuwe centra, de stadsdeelcentra, werden gebouwd als voorzieningencentrum voor de omliggende woongebieden. De afstand tot het rijkswegennet maakte deze gebieden minder aantrekkelijk als kantorenlocatie. Gegeven deze complexe werkelijkheid is het onzeker of nieuwe centra zich zullen ontwikkelen tot centra met hetzelfde functionele karakter als de binnensteden.

Samen met de binnensteden en andere historische centra vormen nieuwe centra de polycentrische structuur van de stedelijke gebieden in Nederland. Met een naar verwachting toenemende urbanisatie zouden de Rijks- en provinciale overheden kunnen overwegen deze structuur te versterken door verdere concentratie van stedelijke functies in nieuwe centra. Dit zou de centraliteit van nieuwe centra verbeteren en, in combinatie met betere treinbereikbaarheid van nieuwe centra, het urbane karakter van de periferie versterken. Dit zou een bijdrage leveren aan de bouw van compacte en duurzame stedelijke gebieden.

 

De definitieve versie is beschikbaar op www.wileyonlinelibrary.com en als pdf hier te downloaden:  New urban centres (pdf)

PUBLICATIE GEPUBLICEERD IN Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie Deel deze pagina

gerelateerde informatie

Gouwe Knoop heeft potentie van subcentrum

Bij de inrichting van de Zuidplaspolder en Westergouwe moeten planmakers meer rekening houden met stedelijke accenten. Door allerlei multifunctionele woon-, werk-, welzijns-, onderwijs- en ontspanningsvoorzieningen Lees meer