Ladder Duurzame Verstedelijking noopt overheden tot nauwkeurige behoeftebepaling

product

De Ladder Duurzame Verstedelijking (LDV) uit het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) vereist dat in het bestemmingsplan de actuele regionale behoefte aan de beoogde functies voor stedelijke ontwikkeling voldoende is onderbouwd. In de wet zijn niet alle aspecten eenduidig vastgelegd. Gemeenten en projectontwikkelaars lopen in de toepassing ervan tegen vragen aan zoals: wat zijn de grenzen van de onderzoeksregio? Levert de vastgestelde woonvisie voldoende onderbouwing? Wanneer is sprake van een ‘lokale’ behoefte? Zijn de bestaande marktonderzoeken nog voldoende actueel?

Bureau Stedelijke Planning ondersteunt gemeenten en projectontwikkelaars bij de onderbouwing van de actuele regionale behoefte in planologisch-juridische trajecten.
 Onze marktonderzoeken leveren een gefundeerde onderbouwing van de actuele regionale behoefte. De aanpak is gebaseerd op simultane toepassing van kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethodieken. Het betrekken van de wensen en eisen van eindgebruikers is hierbij essentieel.
 Bureau Stedelijke Planning levert een integrale aanpak en heeft meerdere kennisvelden in huis: wonen, werken, winkelen, vrije tijd en maatschappelijke voorzieningen. Dit geeft ons de mogelijkheid om ook de synergie-effecten van de beoogde ruimtelijke ontwikkeling in beeld te brengen bij integrale centrum- en gebiedsontwikkelingen, zoals bij de ontwikkeling van het Kazernekwartier het geval was.
• In de beroepsprocedures werken wij samen met grote landelijk opererende advocaten zoals Stibbe, Allen & Overy, Poelmann van den Broek en Loyens & Loeff.

Nadere informatie Ladder Duurzame Verstedelijking
Vanaf 1 oktober 2012 is de Ladder voor duurzame verstedelijking (LDV) onderdeel van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het doel van de LDV is het bevorderen van een vraaggerichte programmering. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen dienen gemotiveerd te worden in drie opeenvolgende stappen:
 Is er een actuele regionale behoefte aan het opgenomen programma?
 Is (een deel van) deze behoefte op te vangen in bestaand stedelijk gebied?
 Indien dit niet mogelijk is dient een locatie te worden gezocht die multimodaal ontsloten is of kan worden.

Trede 1 houdt in dat de regionale ruimtevraag zowel kwantitatief als kwalitatief in beeld gebracht wordt. Het gaat om het aantonen van een behoefte aan stedelijke functies waarin nog niet is voorzien in de regio. Ook de planvoorraad, bijvoorbeeld toekomstige en concurrerende woningbouwlocaties, telt mee in de woningbehoefteberekening. Wanneer er geen sprake is van een kwantitatieve behoefte aan nieuwe ontwikkelingen, is mogelijk toch een kwalitatieve vraag naar bepaalde segmenten aanwezig. Deze kwalitatieve vraag wordt nader geanalyseerd en onderbouwd. Bijvoorbeeld door het in beeld brengen van de vraag naar specifieke woonmilieus, doelgroepen of product-marktcombinaties. Ook kan er sprake zijn van een lokale motivatie voor nieuwe functies, bijvoorbeeld ten behoeve van de leefbaarheid en vitale kernen.

MEER INFORMATIE dr. Pieter van der Heijde Pieter van der Heijde Bureau Stedelijke Planning pvdh@stedplan.nl
+31 (0)6 51496248

Dr. Pieter van der Heijde is algemeen directeur van Bureau Stedelijke Planning en gespecialiseerd in centrum- en gebiedsontwikkeling. Hij is economisch geograaf en heeft 30 jaar ervaring in de stedelijke ontwikkeling.
Deel deze pagina

gerelateerde informatie