Functionele positionering centrumgebieden versterkt economische positie steden

vakkennis

In de verstedelijkte gebieden in Nederland is sprake van een polycentrisch systeem dat is opgebouwd uit historische en nieuwe centra. Daartussen is een lappendeken van monofunctionele gebieden gesitueerd in de vorm van woonwijken, bedrijventerreinen en kantorenlocaties. Binnen dit polycentrische systeem is sprake van intensieve woonwerkrelaties en economische interactie. In Nederland zijn opvallend veel centra. Alleen in de Zuidvleugel van de Randstad zijn er al zo’n 30 centra met een substantiële omvang: 9 (historische) binnensteden en 20 nieuwe centra. Daarnaast is ook nog sprake van omvangrijke monofunctionele locaties (zoals kantorengebieden) en solitaire vestigingen.

De centrumstedelijke functies in een regio zijn over al deze gebieden verdeeld. Als gevolg van het grote aantal is dit ten koste gegaan van het grootstedelijke karakter van de afzonderlijke centra. Door deze versnippering van kantoren en bovenstedelijke voorzieningen is de agglomeratiekracht en aantrekkelijkheid van de individuele centra veel kleiner dan als sprake was geweest van een beperkter aantal. Dit is met name het geval in de nieuwe centra, die in de naoorlogse periode zijn ontstaan. Het aantal functies (wonen, werken, winkelen, vrije tijd, zorg en bestuur) is hier substantieel kleiner dan in de binnensteden. Ook het aantal voorzieningen met een bovenwijkse functie is veel beperkter. Dit gaat onder andere ten koste van de (inter)nationale concurrentiekracht, de economische synergie, de ruimtelijke kwaliteit, de leefbaarheid en de duurzaamheid van deze gebieden.

De centra in Nederland zijn in de loop van de geschiedenis ontstaan of gepland. De huidige ruimtelijke constellatie is derhalve het uitgangspunt voor de toekomstige stedelijke ontwikkeling. Een nadere afstemming en profilering van centrumgebieden is daarom alleen mogelijk door ontwikkeling van nieuwe centrumfuncties binnen de huidige centra. Tot aan de crisis was er sprake van omvangrijke nieuwbouw. In de komende periode zal deze waarschijnlijk veel beperkter zijn. Met name door het overaanbod aan kantoren en winkelvastgoed. Wel is er nog volop sprake van urbanisatie. Bovendien heeft het PBL berekend dat het aantal huishoudens, de beroepsbevolking, de werkgelegenheid en de mobiliteit in de stedelijke gebieden zal blijven toenemen.  Als gevolg hiervan zal ook de ontwikkeling van nieuwe centrumstedelijke functies doorgaan, al zal de productie (substantieel) lager zijn dan voor de crises. Daarnaast ligt er een transformatie- en herstructeringsopgave in een aantal van deze gebieden. Tezamen biedt dit diverse mogelijkheden voor de functionele positionering van centra.

Functionele positionering

Met functionele positionering wordt bedoeld dat ieder centrum een specifieke ontwikkelingsrichting krijgt toebedeeld die is gebaseerd op de huidige functionele samenstelling in combinatie met het ruimtelijk-economische beleid van de stad en regio. Deze functionele positionering biedt veel voordelen. Zo ontstaat hierdoor duidelijkheid over de juiste functie op de juiste plaats. Voor marktpartijen biedt dit ruimtelijk-economisch kader meer duidelijkheid voor hun investeringen. Voor steden biedt het de mogelijkheid om de specifieke rol van centra te versterken. Bijvoorbeeld in de vorm van een verzorgende functie op stadsdeelniveau, een internationaal vestigingsmilieu zoals de Zuidas of een specifiek thema zoals bijvoorbeeld het Biosiencepark in Leiden. Ook biedt een dergelijke positionering de mogelijkheid om door toevoeging van functies de relatief zwakke agglomeratiekracht van nieuwe centra te verbeteren. Een verdere verdichting van deze centra leidt bovendien tot een groter draagvlak voor de aansluiting van deze gebieden op hoogwaardig openbaar vervoer. Tot slot kan met een doelgerichte positionering de ruimtelijke kwaliteit, de leefbaarheid en uitstraling van deze gebieden verbeteren. Met name voor de nieuwe centra is dit geen overbodige luxe. Deze gebieden kunnen in de toekomst een belangrijke rol spelen voor de omliggende woonwijken en werklocaties. De functionele positionering van centra biedt dus vele voordelen om de ruimtelijk-economische positie van steden duurzaam te versterken.

Voor meer informatie: Nieuwe centra in Nederland; het krachtenveld in de arena van de stedelijke ontwikkeling. Pieter van der Heijde, 2014.

 

 

MEER INFORMATIE dr. Pieter van der Heijde pvdh@stedplan.nl
+31 (0)6 51496248

Dr. Pieter van der Heijde is algemeen directeur en managing consultant Centrum en Gebiedsontwikkeling bij Bureau Stedelijke Planning. Hij is Sociaal Geograaf en heeft 25 jaar ervaring in de stedelijke planning.
Deel deze pagina

gerelateerde informatie