Van retail naar wonen – Honderden Hudson’s Bay in suburbia

vakkennis

Hudson Bay

De nu actuele problematiek van de vrijkomende panden van Hudson’s Bay staat niet op zichzelf. Overtollige winkelmeters komen ook elders vrij, zowel in de grote binnensteden als in de kleinere centrumgebieden en in de wijk- en stadsdeelcentra. Met minder pers, maar zeker niet met minder impact. Wat is het perspectief van deze vrijkomende meters als dat geen retail meer is?

Dit artikel maakt onderdeel uit van het artikel ‘Oud vastgoed, nieuw gebruik: 3 antwoorden op de retailapocalyps‘ dat eerder verscheen op Stadszaken.nl

Een eenduidig antwoord op die vraag doet geen recht aan de complexiteit van het vraagstuk. Afhankelijk van de lokale context leent veel vrijkomend winkelvastgoed zich in de praktijk voor transformatie naar andere stedelijke functies. Soms zijn dat leisurefuncties, variërend van kleinschalige horeca tot een megabioscoop. Soms zijn dat maatschappelijke functies, van een huisartsenpost tot een cultureel centrum. Soms in het ook de werkfunctie, van flexwerkconcepten tot ambachtelijke bedrijvigheid. Maar bij voorkeur is het de combinatie van die functies. Alleen op die manier kan van een monofunctioneel winkelgebied een echt centrumgebied gemaakt worden, zeker in de suburbane delen van Nederland.

Versterking van de woonfunctie vervult in die noodzakelijke omvorming een belangrijke rol. Het mes snijdt dan aan twee kanten: het levert een belangrijke bijdrage aan de grote behoefte aan stedelijke woonmilieus en het vergroot het draagvlak voor de commerciële functies. Onderzoek door Bureau Stedelijke Planning (Hart van Suburbia; wonen in wijk en stadsdeelcentra) leert dat woningbouw in alleen al de wijk- en stadsdeelcentra tot 25.000 woningen kan opleveren en daarmee een substantiële bijdrage kan leveren aan de binnenstedelijke woningbehoefte. Deze woningen kunnen gerealiseerd worden door herontwikkeling van verouderde winkelcentra.

Bestaande winkelcentra in stadsdelen – vaak als laagbouw gerealiseerd – zijn veelal aan het einde van hun levenscyclus; vernieuwing is noodzakelijk. Gezien het centrumstedelijke karakter van deze gebieden is het mogelijk om hier woningen in hoge dichtheid te bouwen. Dit komt ten goede aan de levendigheid. Ook zorgt een concentratie van woningen in en rond stadsdeelcentra voor een toename van de bestedingen in de hier gesitueerde winkels en horecavoorzieningen. Dit reduceert de leegstand en kan voorkomen dat deze gebieden verder afglijden.

Met een woningdichtheid van 100 tot 150 woningen per ha kunnen er, vanuit het principe ‘wonen boven winkels’ zo’n 6.000 tot 9.500 woningen in stadsdeelcentra gerealiseerd worden in de vorm van (middel) hoogbouw. Naast de stadsdeelcentra kunnen ook de grotere wijkcentra in aanmerking komen voor de ontwikkeling van nieuwe woningen. Ook hier kunnen op basis van een soortgelijke berekening zo’n 10.000 tot 15.000 extra woningen gerealiseerd worden. Tezamen met de stadsdeelcentra is dit een aantal van zo’n 15.000 tot 25.000 woningen.

Het gemiddelde aantal woningen per stadsdeelcentrum is met circa 800 woningen beperkt (Bureau Stedelijke Planning, 2017). Het toevoegen van nieuwe woningen draagt bij aan de woningbehoefte en een intensief gebruik van het bestaande bebouwde gebied. Dit is met name van belang omdat de stadsdeelcentra zijn gesitueerd in de (grote) steden waar de woningnood het grootst is.

De vernieuwing van vooral de stadsdeelcentra en de grote wijkwinkelcentra in combinatie met woningbouw bevordert bovendien de aantrekkelijkheid en duurzaamheid van deze gebieden als de ‘binnensteden’ van het suburbane gebied.

 

MEER INFORMATIE dr. Pieter van der Heijde pvdh@stedplan.nl
+31 (0)6 51496248

Deel deze pagina

gerelateerde informatie

stadsstraten

De (on)zin van Stadsstraten

In Amsterdam zijn Stadsstraten al lang een begrip. Het betreffen de ontsluitingswegen van de binnenstad waarlangs zich een lang lint van commerciële voorzieningen heeft gevestigd. meer